BLOG

Terug naar het overzicht

Dodelijk optimisme

op 28.10.2009 739 keer bezocht

Optimisme is een morele plicht, debiteerde Karel Popper. Maar volgens Mark Eyskens is een optimist in de eerste plaats een slecht geïnformeerde pessimist. De discussie over het halfvolle of halflege glas is van belang voor de staat van onze economie. Dat zit zo. Met de regen van ontslagen en besparingen die bijna elk bedrijf in België doormaakt, durft de sfeer op het kantooreiland al eens onder nul kelderen. Werknemers die pessimistisch zijn, zo gaat althans de conventionele theorie, presteren slechter en zijn minder productief. Het bedrijf boekt belabberde resultaten als gevolg. En de hele economie gaat mee de dieperik in. Het enige wat ons kan redden, is dus een stevige dosis optimisme.

Fout. Want mensen die hun leven leiden in een staat van nervositeit halen net betere resultaten dan hun optimistisch ingestelde collega’s. Ze draaien alles immers drie keer om in hun hoofd alvorens ook maar iets te ondernemen, overwegen alle alternatieven vier keer en checken vervolgens vijfmaal het eindresultaat. En daar houdt het niet op. Zo zouden depressieve mensen creatieve mensen zijn, denk Guido Belcanto. Volgens onderzoek van Dean Simonton leidt één derde van de geslaagde wetenschappers, denk Isaac Newton, aan een depressie. Net zo’n hersenarchitectuur maakt hun brein creatiever. Daarbij komt dat bij te veel positiviteit de optimisme-paradox de kop opsteekt. Van nature hebben mensen de neiging om zichzelf te overschatten, denk Didier Reynders, en negatieve gevolgen te onderschatten, denk Didier Reynders. Een overdosis optimisme heeft dan ook nefaste gevolgen voor het individu maar positieve effecten voor de staat. Een over-optimist loopt een reëel risico om arm, dood of bankroet te eindigen. Denk Jo Lernout en Pol Hauspie. Maar een land van over-optimisten vaart er soms wel bij. De kans dat zo’n land een hoger aantal ambitieuze starters, baanbrekende medicijnen en nieuwe producten kent is reëel. Denk Richard Branson en Virgin.

Het huidige economisch klimaat is niet meteen van dien aard om een vreugdedans te doen en dat is ook het laatste wat we volgens Alain de Botton mogen doen: ‘Het is al een tijdje duidelijk, tenminste sinds we beginnen praten zijn over de “groene scheuten, van het herstel, dat wat we het meest moeten vrezen hoop is’, schrijft hij. Daar moet ik even over nadenken. Maar te veel pessimisme is dan weer een goede reden voor optimisme. Zo schreef de Financial Times dat markten geboren worden op pessimisme, groeien op scepticisme, volwassen worden op optimisme en sterven op euforie. Aandelen zijn spotgoedkoop wanneer het pessimisme welig tiert en worden duur wanneer iedereen het leven door een roze bril bekijkt. Dat is dan weer weinig positief.

Maar er zijn ook redenen om optimistisch te zijn over de recessie. Tijdens economische crisissen gaat onze gezondheid er op vooruit. Voor elk tiende procent extra werkloosheid gaat het aantal sterfgevallen een half procent achteruit. Er zijn minder doden door auto-ongevallen en hartaanvallen. En we gaan minder dood door zwaarlijvigheid, drank of sigaretten. Maar onze mentale gezondheid gaat achteruit. Wat dan weer de creativiteit zou kunnen aanwakkeren volgens hierboven aangehaald onderzoek. De staat van optimisme en pessimisme in een land is dus belangrijk voor het bruto binnenlands product van die staat. En dat we optimisten tot in de kist zijn bewijst een simpele zoekopdracht op Google. ‘Optimisme’ gezocht op sites uit België resulteert in meer dan 117.000 zoekresultaten. ‘Pessimisme’ moet de duimen leggen met maar 27.900 zoekresultaten. Maar de vraag waar ik mee zit is of we daar nu blij mee moeten zijn?

Lorin Parys is voorzitter van Flanders DC. Hij schrijft deze column in eigen naam voor De Standaard.

Lorin Parys

op 28.10.2009

Rubriek Uitgelicht

Tags

Gerelateerde artikels

  • Geen andere gelijkaardige berichten

Geef je mening

  • http://antwerpen.innovatiecentrum.be Kurt Peys

    De grens tussen over-optimisme en opportunisme (pejoratief bedoeld) is vaak dun, maar ze is er wel. Sommige voorbeelden van (over)optimisme lijken me eerder te wijten aan (misplaatst) opportunisme. Ik denk dat we met zijn allen soms te optimistisch zijn op de korte termijn en te pessimistisch op de lange termijn. Of dat een probleem is, is nog maar de vraag. Het triggert mensen immers om initiatieven te nemen, bedrijven op te starten,…

  • http://www.braindrums.com Marc Innegraeve

    De beschrijving “pessimisme” is niet precies genoeg en dekt vele ladingen. Alleen al in dit artikel vind ik volgende mogelijke interpretaties: mensen die leven in staat van nervositeit, depressieve mensen, mensen die lijden aan een depressie, vrees hebben voor hoop, … Dit zijn allemaal verschillende situaties of gevallen.
    Bovendien ligt het in de menselijke aard om bevestiging te zoeken in voorbeelden die de eigen mening ondersteunen. Terwijl je net naar voorbeelden moet zoeken die de stelling kunnen ontkrachten. “Volgens onderzoek van Dean Simonton leidt één derde van de geslaagde wetenschappers, denk Isaac Newton, aan een depressie.” Goed, dan zorg ik wel dat ik bij die andere, grotere groep van twee derden zonder depressie hoor!
    In het kader van creativiteit zijn er enkele elementen rond pessimisme die belangrijk zijn. Er is het soort pessimisme dat overal gevaren en risico’s ziet. Dingen die kunnen fout lopen. Op zich is dat een goede factor voor creativiteit, op voorwaarde dat je deze blokkades ziet als uitdagingen om op te lossen (motivator) en niet als een reden om een idee zonder meer weg te gooien (demotivator).
    Er is ook een pessimisme van overtuigingen. Overtuigingen dat het niet kan, dat het niet mogelijk is, dat er geen oplossing kan gevonden worden. Het is veel moeilijker om dit soort pessimisme in creativiteit om te zetten, omdat dit type van negatieve overtuigingen een demotivator voor het zoeken van oplossingen vormt.

  • http://www.byaz.be Peter Blokland

    De hele discussie doet mij denken aan een artikeltje dat ik in een van mijn nieuwsbrieven heb gebruikt. “The story of the winner and the loser”. Het bevatte enkele regeltjes die ik in een blaadje was tegen gekomen en volgens mij relevant waren in het kader van betere resultaten te behalen.
    Je vindt het artikel op
    http://www.byaz.be/documents/pdf-downloads.html
    Bij de rubriek diverse inzichten.
    Ik denk dat optimisten eerder “winners” zijn en laat het pessimisme eerder over aan de “losers”. Uitzonderingen niet te na gesproken.

  • http://www.philips.com Dirk De Boe

    Wil even Eyskens counteren die zegt dat een optimist een slecht geïnformeerde pessismist is met ‘De grootste schrik van de pessismist is dat de optimist gelijk krijgt’. Het kan zijn dat optimisme soms gevaarlijk is in business. Maar daar bestaan middelen tegen : vb de zwarte denkhoed van de Bono af en toe gezond opzetten. Ik ben wel overtuigd dat een optimistisch mens kwalitatiever en langer leeft .

  • http://www.educatievewinkel.be Lucie Evers

    Ik ben een twijfelende optimist. De twijfel is een gezond ingrediënt van dagelijkse intellectuele arbeid maar moet leiden tot keuzes en beslissingen. Het optimisme is een gezond ingrediënt van dagelijkse intellectuele arbeid omdat het ervoor zorgt dat men niet louter problematiseert en analyseert maar oplossingen bedenkt en constructief met beperkingen omgaat. Wat bij een aantal mensen mis, is de kracht om daar inderdaad mee aan de slag te gaan en zich niet te laten leiden door de anecdotiek van de dag.

Flanders DC nieuwsbrief NL

Ontvang onze nieuwsbrief:

  • Creativiteitsnieuws
  • Inspirerende artikels
  • Kortingen op events

Blijf ook op de hoogte via: Linkedin, RSS, Twitter, Facebook