Axelle Vertommen studeerde vijf jaar geleden af als interieurarchitect en meubelontwerper en is onder meer gekend van haar collectie krabpalen. Een jaar geleden begon het textielavontuur van Thomas Renwart onder de noemer Les Monseigneurs, dat als een trein loopt. Beiden werden uitgekozen tot Young Talent Guests of Honour van de tweede editie van de Contemporary Design Market. Naar aanleiding daarvan hadden we een gesprek over hun eerste stappen als designers, hun creatief proces, het bundelen van krachten én over de raakvlakken in hun werk.

De Contemporary Design Market, een presentatie- en verkoopmoment voor Belgische designers en merken, vindt plaats op 26 en 27 september in Tour & Taxis in Brussel.


Wie is Axelle Vertommen?

  • is interieurarchitect en meubelontwerper
  • exposeerde haar masterproject in de Budafabriek in Kortrijk
  • heeft onder meer een stoel, bed, bijzettafel, rek en krabpaal ontworpen
  • werkt voor Dries Otten en Studio Haver
  • creëerde in de zomer van 2018 Venster, een pop-upexpo met werk van collega-ontwerpers

Wie is Thomas Renwart?

  • vormde tot voor kort samen met Victor Verhelst Les Monseigneurs en gaat sinds juni solo verder onder dezelfde naam
  • combineert textiel en typografie tot impressionante (wand)tapijten
  • won de BKRK Award 2019 en werd laureaat van de Dorothy Waxman Textile Prize 2019
  • werkte reeds samen met Verilin, TextielMuseum Tilburg, TexLab in Luik en Lampe Textiles
  • exposeerde onder meer bij Bruthaus Gallery, Kunsthal Gent en Design museum Gent
Axelle Vertommen

Axelle Vertommen © Eva Donckers

Thomas Renwart

Thomas Renwart © Nadja Heks


Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe artikels in dit magazine? Schrijf je in op onze nieuwsbrief!

Hoe ontstond de passie voor wat jullie doen?

Axelle: Eigenlijk wist ik al van jongs af aan dat ik iets met meubels wilde gaan doen. Tijdens mijn jeugd ontwikkelde ik een grote interesse voor designiconen die ik om mij heen zag. Ik besloot interieurarchitectuur te gaan studeren aan de Universiteit van Antwerpen. Na die studies volgde ik ook nog de voortgezette opleiding meubelontwerp aan Thomas More in Mechelen, waarna ik stage liep bij de Gentse meubelmakerij Atelier Ternier. Nadien ben ik dan gestart als freelance ontwerper. Ondertussen werk ik al een hele tijd bij Dries Otten en sinds kort ook voor Studio Haver. Daarnaast maak ik mijn eigen creaties.

Thomas: Mijn fascinatie voor textiel is ontstaan in mijn kindertijd. Ik spendeerde veel tijd bij mijn grootmoeder die vaak borduursels in kruisjessteek maakte. Het is daar dat mijn passie vorm is beginnen krijgen. Ik vind het nu nog steeds heel intrigerend dat je met naald, draad en een oppervlakte iets kan creëren. Ik heb een achtergrond in modetechnologie, maar koos uiteindelijk voor een opleiding textielontwerp aan LUCA School of Arts in Gent, waar ik vorig jaar afstudeerde. Tijdens mijn opleiding werden we geconfronteerd met enerzijds de invulling van design en anderzijds het concept van kunst. Daaruit is Les Monseigneurs ontstaan, dat ik oprichtte met grafisch ontwerper Victor Verhelst. Sinds enkele maanden gaat Victor zijn eigen weg en ga ik solo verder onder dezelfde naam. Ik zie Les Monseigneurs als een collectief dat openstaat voor samenwerkingen, als een inclusief platform dat mensen wil uitnodigen om met het medium in interactie te gaan.

Les Monseigneurs, Kleureyck Design Museum Gent

Les Monseigneurs, Kleureyck, Design Museum Gent © Filip Dujardin

Wat hebben jullie sinds jullie afstuderen geleerd?

Axelle: Wat ik geleerd heb, is dat ideeën mogen groeien. Dingen moeten niet meteen klaar zijn. Het kost tijd alvorens een idee echt goed uitgewerkt is. Ik wil ook niet zomaar een nieuwe stoel of tafel ontwerpen. Ik wil dat er iets nieuws ontstaat en dat heeft gewoon tijd nodig. Het proces van prototypes maken en de zoektocht naar een geschikte producent zijn eveneens stappen die je moet doorlopen. Je mag niet verwachten dat het vanaf het eerste moment helemaal goed zit.

Thomas: Voor mij is het afgelopen jaar een echte rollercoaster geweest. Ik ben er echt ìn gesmeten geweest. Zo was het in het begin wel lastig op zakelijk vlak, ik had bijvoorbeeld totaal geen benul van prijszetting. Sinds eind vorig jaar word ik vertegenwoordigd door Bruthaus Gallery, wat een enorme stap vooruit is. Het mooie is ook dat de galerij gelegen is in de textielregio van ons land. Voor mij is galerijhouder Joris (Vander Borght, nvdr) een soort van manager. Ik kan er ook terecht voor feedback en begeleiding wanneer ik té diep in mijn werk zit en nood heb aan een blik van buitenaf.

Als gevolg van de coronacrisis keek ik voor het eerst sinds mijn afstuderen ook noodgedwongen in eigen boezem. Ik wilde verder gaan met dingen maken en ontwikkelen, maar opeens bleek dat niet meer mogelijk omdat de weverijen waarmee ik werkte, de deuren sloten. Ik moest mezelf plots heruitvinden, maar eigenlijk was dat verfrissend. Plots werd het begrip tijd gerelativeerd. We leven in een wereld die alsmaar sneller gaat, maar dingen moeten, zoals Axelle zegt, kunnen groeien. Ik hoop echt dat dat iets is dat we kunnen meenemen in de toekomst.

Soms is het ook goed om iets radicaal anders met je medium te doen. Je hoeft niet vast te blijven zitten aan één iets, je blik verruimen kan enorm inspirerend zijn. Mijn lievelingsbloem, de narcis, groeit in maart en april en door de lockdown is het de eerste keer dat ik de hele cyclus van de bloem heb kunnen meemaken. Mijn obsessie voor de narcis is daardoor vertienvoudigd (lacht).

Axelle: Tijdens de lockdown was er inderdaad plots tijd om na te denken. Voor mij was dat echt een luxe. Ik denk dat ik elk stukje karton en elk stukje buis dat er in huis te vinden was, gebruikt heb om maquettes te maken. En dat hoeft daarom niet altijd tot een eindresultaat te leiden. Ik vond het alleszins ook heel verrijkend om even een stap terug te kunnen zetten.

Bed, Axelle Vertommen

Bed, Axelle Vertommen © Adriaan Hauwaert

Thomas, voor jou is de natuur een grote inspiratiebron. Axelle, ontstaat jouw werk vooral vanuit dagdagelijkse behoeftes?

Axelle: Ik wil dingen ontwerpen die in mijn eigen leven ontbreken, zaken waaraan ik een extra invulling kan geven. Dat kunnen dingen in het straatbeeld zijn of banale objecten zoals een krabpaal. Ik bezoek ook heel graag modernistische huizen. Ik vind het geweldig om even uit het dagelijkse leven te stappen en de sfeer op te snuiven in een huis dat van boven tot onder ontworpen is. Ik kijk ook altijd naar wat er al bestaat. Op die manier bouw ik een referentiekader op, waar ik telkens weer kan naar teruggrijpen. Het is een proces waarbij je eigen vormentaal de leidraad vormt.

Axelle, jij werkt voornamelijk vanuit een functionele nood. Thomas, hoe zie jij jouw werk binnen de designwereld?

Thomas: Mijn tapijten zie ik als functionele kunstobjecten. Ze maken deel uit van de ruimte en hebben daarop een invloed. Daarnaast kan je een tapijt aan de muur op dezelfde manier bekijken als een kunstwerk aan de muur. Ik wil de barrières tussen kunst en design breken. Ik wil ook echt dat er een interactie ontstaat met diegene die een tapijt aanschouwt of koopt. Mensen durven vaak niet over mijn tapijten lopen. Die frictie tussen kunst en design vind ik heel mooi. Hun schoonheid belet mensen om ze vuil te maken.

Axelle: Van krabpalen weet je dat het objecten zijn die zullen gebruikt worden. Ik vind het daarom nog steeds moeilijk om bedragen te kleven op de stukken die ik maak. Een gebruiksobject ziet af, al verwachten mensen bij een hogere prijs dat het object ook echt heel lang zal meegaan.

Thomas: Tapijten zijn geen edele objecten meer. Mensen kopen tegenwoordig een tapijt bij IKEA voor 70 euro. Ik heb het gevoel dat velen niet begrijpen waarom er aan een object een bepaald bedrag kleeft. Er zijn zoveel redenen waarom een object dat met vakmanschap is ontwikkeld meer kost dan een object dat in massa is geproduceerd, meestal in het buitenland. Ik ben ervan overtuigd dat het wel mogelijk is om als maker dingen lokaal te produceren, zij het niet altijd aan dezelfde prijs als in een lageloonland. En los daarvan heeft de schoonheid van een object voor mij ook te maken met het feit dat je niet weet hoelang het precies zal meegaan.

Les Monseigneurs, Kunsthal Gent

Les Monseigneurs, Kunsthal Gent © Michiel De Cleene

Hoe verloopt jullie creatief proces?

Axelle: Ik start met schetsen maken, waarna ik overga tot het bepalen van verhoudingen en groottes. Daarna maak ik prototypes. Pas dan kan ik evalueren of het object ruimtelijk 'klopt'. Eens dat goed zit, ga ik op zoek naar een producent die het wil en kan maken tegen een goede prijs. Ik vind het fijn om verschillende soorten materialen te combineren, al blijkt dat voor de productie niet altijd even evident. De meeste producenten zijn namelijk niet gespecialiseerd in het werken met verschillende materialen. Dat blijft dus een zoektocht. Maar alleen zo kom je tot interessante dingen.

Thomas: Bij mij verloopt mijn creatief proces eigenlijk eerder ‘wulps’. Ik sluit me op in mijn atelier, nadat ik allerlei zaken heb verzameld, waaronder heel veel gedroogde bladeren. Dan begin ik zaken te combineren, elimineren en selecteren. Elke schets is een gelaagdheid van verschillende combinaties van beelden en texturen. Ik start altijd analoog, daarna scan ik alles in, waarna ik er een digitale tekening van maak. Photoshop is mijn canvas. Van daaruit vertrek ik dan om tot een textiele invulling te komen. Dan werk ik samen met verschillende partners. Voor de tapijten die oorspronkelijk bedoeld waren voor Salone del Mobile in Milaan, maar uiteindelijk perfect tot hun recht zijn gekomen in de Kunsthal in Gent, werkte ik samen met het TextielMuseum van Tilburg. maar ook met linnenfabrikant Verilin deed ik een traject. En onlangs maakte ik ook gebruik van de knowhow van het TexLab in Luik.

Les Monseigneurs, Bruthaus Gallery

Les Monseigneurs, Bruthaus Gallery © Joris Vander Borght

Thomas, Les Monseigneurs exposeerde het afgelopen jaar op verschillende plaatsen en viel meermaals in de prijzen. Hoe belangrijk is dat voor je praktijk?

Thomas: Belangrijker dan ik oorspronkelijk had gedacht. Het liep als een trein. Als pas afgestudeerde sta je nog niet stevig op eigen benen, maar de BKRK-award zorgde er plots voor dat we au sérieux werden genomen. De prijs creëerde een draagvlak, bezorgde ons heel wat persaandacht en leverde verschillende opdrachten op. Ik zie het als een echte springplank en bovenal een warme appreciatie voor ons werk.

Het was ook wel wat wennen aan die aandacht. De druk ligt daardoor soms wel hoog. Het lijkt alsof ik een bagage van tien jaar in één jaar heb moet leren dragen. Maar ik ben er heel dankbaar voor. Je moet jezelf ook toelaten te falen. En dat je moet leren loslaten, is iets waar ik nu, door de coronacrisis, nog meer bewust van ben.

Axelle, met Venster toonde je in de zomer van 2018 naast eigen creaties ook werk van andere ontwerpers in een etalageruimte in Antwerpen. Vanuit welk idee startte je met dit project?

Axelle: Ik wilde meer zichtbaarheid creëren voor collega-ontwerpers. Het is niet altijd makkelijk om je ontwerpen in winkels aan de man te brengen of om ze in productie te krijgen. Ik vind dat er heel toffe dingen gemaakt worden, maar helaas krijgen ze niet altijd de aandacht die ze verdienen. Eigenlijk was het een pr-stunt: vijf ontwerpers, inclusief mezelf, kregen gedurende een week het ‘venster’ ter beschikking. Elke ontwerper vulde de ruimte echt anders in, waardoor ze iets heel persoonlijks kreeg. Ik kijk er met een goed gevoel op terug.

Tomaduo, Axelle Vertommen voor Onbetaalbaar

Tomaduo, Axelle Vertommen voor Onbetaalbaar © Laura Szédelyi

Stuhl, Axelle Vertommen

Stuhl, Axelle Vertommen © Charlotte Boeyden

Zien jullie raakvlakken in elkaars werk?

Axelle: Ik heb een grote bewondering voor wat Thomas doet, voor zijn technische kennis en voeling met materialen. Ik vind het belangrijk dat je als ontwerper weet hoe iets gemaakt wordt. Ook al doe ik dat dan niet per se zelf, ik weet wel hoe hout verwerkt wordt. Tactiliteit is heel belangrijk. Een buisdikte die net iets dunner is dan de standaarddikte bepaalt echt veel. Dat valt misschien niet meteen hard op, maar het is wel een hele zoektocht.

Thomas: Inderdaad, je moet de techniek beheersen. Craftsmanship vind ik heel belangrijk, vanuit de overtuiging dat iets zo moet zijn. De liefde voor een techniek komt pas als je ze zelf hebt toegepast. Een object heeft pas relevantie omwille van het menselijke aspect. Maar daarnaast moet je ook accepteren dat je niet alles zelf kunt doen. Net daarom vind ik het bundelen van krachten zo waardevol.

Axelle: Wanneer je met een voorstel bij een potentiële producent aanklopt, is het voor hem soms ook de eerste keer dat hij zoiets gaat doen. En dan kan het bijvoorbeeld gebeuren dat de tekening niet goed vertaald werd, maar dan moet je dat kunnen zeggen. Ik vind het heel belangrijk om me te omringen met mensen die vanuit een open visie willen samenwerken.

Thomas: Een ander raakvlak met Axelles werk is het Belgische surrealisme. Axelle, jij hebt de krabpaal sexy gemaakt, dat is geniaal! Onrechtstreeks heeft dat object een heel fantasierijke wereld. Die wordt misschien niet zo expliciet geaccentueerd, maar is wel aanwezig.

Axelle: Ik heb dat ontwerp heel nuchter benaderd vanuit de noodzaak dat er iets gedaan moest worden aan het aanbod aan krabpalen. Wat volgt, is een lang proces dat een samenloop van omstandigheden is. Bij de eerste prototypes gebruikte ik stukken tapijt die toevallig blauw, rood en groen waren. Dat zijn uiteindelijk de kleuren van het finale ontwerp geworden. Dat was dus geen bewust proces, maar ik ben er wel dankbaar om.

Thomas: Inderdaad, één element kan een proces soms heel hard beïnvloeden. Je moet daar wel voor openstaan. Als je alleen in je hoekje zit, dan zal je nooit interacties met anderen teweegbrengen.

Gattorre, Lasso, Ziggy, Axelle Vertommen

Gattorre (krabpalen), Lasso (bijzettafel), Ziggy (kapstok), Axelle Vertommen © Kaatje Verschoren

Om af te ronden: kunnen jullie al een tipje van de sluier oplichten over jullie deelname aan de Contemporary Design Market?

Axelle: Ik was zo blij met de uitnodiging, dat ik meteen alle plannen die op stapel stonden, in productie heb gebracht. Ik zal verschillende nieuwe objecten tonen. Ik ben heel benieuwd naar de respons. De ontwerpen die aanslaan, worden opgenomen in de collectie.

Thomas: Ik ga een reeks van nieuwe tapijten tonen, waarvoor ik samenwerkte met Lampe Textiles uit Tielt. De tapijten zijn hard en expressief en zijn als het ware een blueprint van mijn gevoelens. Dat mensen echt over mijn frustraties zullen kunnen wandelen, vind ik een leuke gedachte (lacht). Voor mij is het ook extra spannend omdat het de eerste keer zal zijn dat ik met Les Monseigneurs solowerk toon.

Axelle: Ik vind het soms moeilijk om altijd alles alleen te doen. Als iets klaar is, dan val ik heel mijn omgeving lastig met de vraag wat ze ervan vinden. Als je samen ontwerpt, dan staat een bepaalde keuze vast, eens die gemaakt is. Als je alleen werkt, heb je de neiging om zaken opnieuw in twijfel te trekken.

Thomas: Je mag je twijfels en onzekerheden wel uiten, vind ik. Dat is ook wel een proces waar je door moet. Al denk ik ook wel dat je blijft twijfelen gedurende je hele carrière, maar daar is eigenlijk niks mis mee.