Vijftig visies — De creatieve sector kijkt vooruit: wat na corona?

Is de coronacrisis een gamechanger voor de creatieve sector? Flanders DC geeft het woord aan vijftig experts actief in verschillende sectoren, zoals design, mode, games, muziek, audiovisuele industrie en gedrukte media. Hoe kijken zij vooruit? Welke nieuwe businessmodellen, processen, structuren, ideeën en werkwijzen mogen of zullen volgens hen het daglicht zien?

Op deze pagina lees je de visie van Gunther Broucke.

Als ik deze regels schrijf, zijn cafés en restaurants gesloten, zijn de bioscopen dicht, zijn de winkels geslopend (Streuvels had zich nu gejeund, zo veel nieuwe mogelijke woorden!), zijn concert- en theaterzalen potdicht. Een museum binnenlopen lukt nog net. Of nee, toch niet: een tijdslot reserveren, een mondmasker aandoen en blijven circuleren, nooit meer dan tien mensen in één beperkte ruimte… 

Gunther Broucke

Gunther Broucke © Marcel Lennartz

Ook ik ken de oneliners van ‘crisissen zijn uitdagingen’ en ‘never waste a good crisis’, maar op dit moment heb ik alleen zin om te schreeuwen: geef me godverdomme mijn oude leven terug, zo slecht was dat nog niet.

Maar laten we de pret van dit initiatief niet al te zeer bederven, het nest niet al te zeer bevuilen: brengt deze periode misschien nog goede tijdingen? Kunnen we lessen trekken? Zijn er goudaders die als vanzelf naar de oppervlakte gekropen zijn door het gewoel van dat vervloekte covidbeest?

Eerlijk? Ik weet het niet. Er zijn ochtenden dat de douche mij nieuwe inzichten inzingt. Er zijn ochtenden dat de vele opgestoken vingertjes mij angstig maken. Ik hecht ook weinig geloof aan shocktherapieën die een algemeen gedrag ten gronde veranderen. Ik hoor over het wonder van thuiswerken, maar zie de erosie van een goed en geduldig gesmeed team op de loer liggen. Ik hoor over de mirakels van de teleconferentie, maar mis de impact van lichaamstaal en oogcontact. Ik voel de adrenaline bij de aftelklok voor een concert in livestream, maar voel me arm en verloren bij het gemis aan applaus.

Toch gebiedt de eerlijkheid me om toe te geven: ja, het was niet allemaal negatief en ja, we kunnen hier lessen uit trekken. Wél denk ik dat we daar dan beter snel mee beginnen. Want als het spreekwoordelijke doek weer opengaat, zul je zien: het deken van de vergetelheid zal snel uit de kast gehaald worden. Er zullen hymnes voor de artsen geschreven worden, virologen zullen opgeknoopt of gestandbeeld worden en de politici, ach ja, de politici… Stuurlui. Wal. En dat soort dingen.

Op het onverwachte kun je eenvoudigweg niet voorbereid zijn, de fun van dat onverwachte zou er ook helemaal uit zijn. Maar toch: een van de meest beschaafde landen ter wereld moet zijn maatschappij op slot houden omdat er maar duizend intensivecarebedden zijn? Een collateraal gevolg van het feit dat er sinds 1945 voor het eerst sinds de geschiedenis niet meer om de dertig jaar een oorlog op ons grondgebied passeert? Alsof je op 7 juni 1944 op Omaha Beach een omroeper zou hebben gehad: “Stoooop – de bedden zijn vol!”

“Ik voel de adrenaline bij de aftelklok voor een concert in livestream, maar voel me arm en verloren bij het gemis aan applaus.”

Gunther Broucke,

intendant Brussels Philharmonic en Vlaams Radio Koor

Ik ben cynisch aan het worden, vergeef het me, lieve lezer. Maar als er iets is wat anders kan en moet, dan is het onze reactiesnelheid. We leven een lui en vadsig leven. We zagen over wegenwerken, over te lage lonen en te hoge werkdruk. Over de rijken te veel en de armen te weinig, al vertellen de cijfers ons totaal andere zaken. Maar we kunnen niet meer dribbelen. We waggelen als olifanten over een voetbalveld, maar willen straks wel Europees kampioen voetbal worden en denken dat wij het zijn die scoren of die ene bal uit onze netten houden. Allemaal Courtois! 

De waarheid is: corona heeft gescoord. En nog eens gescoord. En nog eens. En weer! De agiliteit versus fragiliteit, de snelheid van reactie, de frisheid, de sprankel, de energie, de durf, de onvermoeibaarheid, de goesting, de wil, de vastberadenheid én de vrijheid om het verschil te maken: dát is wat we moeten herstellen, want het was er ooit, vraag het maar aan Brugge en ‘plus est en vous’-Gruuthuse. En de stukken liggen er nog altijd, maar wat doen we ermee? 

Ik pleit voor die frisheid, die blik van ‘kom maar op, makker, straks roep je om je moeder’, dat ondernemerschap waaruit onze welvaart geboren werd. Laten we eerlijk zijn: waar maken we nog het verschil, waar durven we nog, waar krijgen we nog volop steun voor wilde ideeën? We zijn een tegenmaatschappij geworden, waar de spreekwoordelijke kroegbaas de aanleg van een innovatief project kan tegenhouden.

Komaan gasten, laat ons ondernemen, steun die ondernemers, troost hen die mislukken en gun diegenen die slagen het succes. We worden er allemaal beter van. Maar laten we uit onze luie loopgraven komen, er zijn toch geen oorlogen meer (want er zijn te weinig bedden!).

Tijdens de coronacrisis werden de belijders van het ‘opgehevenvingertje-geloof’ zowaar keizer. Voorzichtigheid hier, voorzichtigheid daar. En inderdaad: dat was wijze raad. Maar als het straks voorbij is… Als de rommel van het ongeval opgeruimd is, moet de safetycar aan de kant.

Dus, als je het mij dan toch vraagt: laat ons weer eens heerlijk onvoorzichtig zijn en de wereld veranderen!


Wie is Gunther Broucke?
In 1998 startte Gunther Broucke als artistiek directeur van het Vlaams Radio Orkest (nu Brussels Philharmonic) en het Vlaams Radiokoor. In 2003 werd hij aangesteld als intendant. Hij leidde beide ensembles naar een steeds grotere nationale en internationale erkenning en zette sterk in op een aantal vernieuwende initiatieven. In 2017 werd hij ‘Overheidsmanager van het jaar’. Tijdens de coronacrisis zorgde hij ervoor dat de ensembles konden blijven musiceren en was hij initiatiefnemer van het cultuurkanaal Podium 19.