Innovatieve start-ups Quifactum en UNDŌ streven allebei naar een duurzame productie en consumptie in de modesector. Afgelopen jaar werkten ze hard aan de ontwikkeling van hun project. Ze konden daarvoor beroep doen op de innovatieve starterssteun van VLAIO en begeleiding van Flanders DC.

Ben je starter en pionier je met een uitdagend, beloftevol project? VLAIO kan je hierin steunen met 50.000 euro. Kandideren kan via Flanders DC tot 2 maart 2022.

Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe artikels in dit magazine? Schrijf je in op onze nieuwsbrief!

Digitaal platform Quifactum streeft naar transparantie in de modesector: “Googel dat niet even, maar quifact dat”

Quifactum is een digitaal platform dat afgelopen najaar werd gelanceerd, mede dankzij de innovatieve starterssteun van VLAIO en begeleiding door Flanders DC. Het werd opgericht door Mathias Slabbinck en Christof Ameye en wil via een systeem van QR-codes consumenten informatie verschaffen over de herkomst van kledij en textiel, zodat ze bewuster en duurzamer gaan kopen.

Christof Ameye en Mathias Slabbinck

Christof Ameye en Mathias Slabbinck

In 2013 stortte de kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh in, een jaar later werd de organisatie Fashion Revolution opgericht die de hashtag #whomademyclothes de wereld instuurde. Dat was voor Mathias Slabbinck, die kan leunen op een ervaring van meer dan 20 jaar in het familiebedrijf Slabbinck, een eyeopener. Hij hield zich in het bedrijf onder meer bezig met de verkoop en merkte dat klanten de hogere prijs van hun producten sneller accepteerden, eens ze het atelier in Brugge hadden bezocht en het maakproces leerden kennen.

“Toen is mijn frank gevallen: wij konden de vraag #whomademyclothes beantwoorden, wij wisten wie welk stuk had gesneden, wie het borduurwerk had gedaan, wie voor de verpakking had gezorgd,...” Enkele jaren later stapte Mathias uit het familiebedrijf en trok naar Cambridge voor een master in ondernemerschap. Daar heeft hij het idee van een platform voor transparantie in de textielsector verder ontwikkeld. Later schreef hij zich in bij Startit @KBC, waar hij zijn co-founder Christof Ameye, die gespecialiseerd is in softwareontwikkeling, leerde kennen. Vorig jaar werd het duo geselecteerd voor de innovatieve starterssteun van VLAIO, om het project verder uit te werken met een extra kapitaal van 50.000 euro.

“Ik ben ervan overtuigd dat de klant met toegenomen productkennis duurzamer zal gaan consumeren.”

Mathias Slabbinck,

Quifactum

Quifactum werd in oktober vorig jaar gelanceerd en werkt op basis van QR-codes die op productlabels staan. Wanneer de consument een code scant met zijn smartphone, komt hij op het platform terecht, waar hij de verschillende fases van de ontwikkeling van het product kan ontdekken. Zo leer je er bijvoorbeeld dat een legging van RectoVerso op 6 juli 2020 door styliste Stephanie N. werd ontworpen op basis van textiel van Liebaert Textiles en dat stikster Inge D. op 14 september 2020 het patroon daarvoor heeft getekend. Het dashboard, dat enkel toegankelijk is voor het merk, toont een overzicht van de verschillende QR-codes, hoe vaak deze gescand worden, maar ook hoeveel pagina’s er worden gedeeld via social media en hoeveel extra views dat oplevert. 

Tijdens de testfase gebruikte Mathias een eerder ontwikkeld platform, dat als ‘proof of concept’ diende. “Dat was niet gebruiksvriendelijk, dus moesten we iets maken dat wel schaalbaar was, een platform dat op zichzelf kon werken. Maar zoiets kost veel geld, en daarbij kwam de innovatieve starterssteun van VLAIO enorm van pas. Een team van developers heeft hard gewerkt aan het SaaS-platform. Door de financiële steun konden we veel sneller evolueren. Hadden we het zonder die 50.000 euro moeten doen, dan zouden we absoluut nog niet staan waar we nu staan. Daarnaast kregen we ook advies en feedback, én ook morele steun. Flanders DC geloofde fel in het idee en droeg ons voor om te pitchen voor de VLAIO-steun.”

“De merken die zich tot nu toe op het platform registreerden zijn enerzijds kleine, duurzame merken — zoals Wright, RectoVerso, Lies Mertens en Mirabel Slabbinck — die de productie van hun stukken zelf doen waardoor ze alle data voorhanden hebben en deze graag delen. Anderzijds zijn er ngo’s zoals Solid, die mandjes die in Kenia worden gemaakt, verdelen en ervoor zorgen dat buitenlandse arbeiders een eerlijk loon krijgen uitbetaald. Zij zijn voor ons de early adopters van Quifactum.” 

Modelabel Wright maakt gebruik van Quifactum

Modelabel Wright maakt gebruik van Quifactum

“Momenteel werken we aan de werving van nieuwe merken voor het platform. Terwijl we vroeger nog niet veel data hadden en moeilijk konden bewijzen wat de return on investment voor geïnteresseerde merken was, kunnen we dat nu meer en meer. Sowieso werken pagina’s die veel informatie bevatten beter dan andere, omdat ze sneller gedeeld worden op social media en dus meer worden bekeken. Al blijft het een uitdaging om bedrijven over de streep te trekken, omdat ze twijfelen of het wel een goed idee is om hun data prijs te geven, onder meer omwille van de concurrentie. “We moeten een evenwicht vinden in die transparantie, zodat bedrijven erin mee willen en durven gaan, én zodat klanten eruit leren en hun consumptiegedrag aanpassen.”

“Duurzaamheid is al langer een hot topic dat bedrijven niet kunnen negeren. Toen ik in 2014 al met dat idee speelde, was dat z’n tijd vooruit. Ik heb soms nog het gevoel dat we te vroeg zijn. Het gaat uiteindelijk toch moeilijker dan oorspronkelijk gedacht. Zonder drive haal je het niet. Eigenlijk willen wij op lange termijn dat alles wat geproduceerd wordt op ons platform terechtkomt. Dat het een evidentie wordt om die gegevens te gaan opzoeken als consument. En dat mensen niet meer zeggen, ‘ik ga dat even googelen’, maar ‘ik ga dat even quifacten’”, verklaart Mathias.


Modelabel UNDŌ en softwarepakket CRCLR: “We willen de Shopify van de circulaire economie worden”

Ook UNDŌ, dat werd opgericht door Maarten Tak en Jonas Janssen, wil werken aan duurzamer productie- en consumptiegedrag. Zij werden eveneens door Flanders DC voorgedragen voor de innovatieve starterssteun van VLAIO, waardoor de ontwikkeling van het circulaire modelabel en bijbehorende softwarepakket in een stroomversnelling kwam.

Maarten Tak studeerde economische wetenschappen, waarna hij een master in innovatie en ondernemerschap aan AMS behaalde. Nadien werkte hij verschillende jaren als innovatieconsultant voor bedrijven. “Maar op een gegeven moment kriebelde het toch om zelf weer een zaak op te starten. Ik wilde mijn interesse voor mode en het streven naar circulariteit omzetten in de praktijk. Ik wilde een circulair modelabel opzetten, waarbij kleding duurzaam gemaakt wordt en uitgeleend kan worden. Daarvoor was ik op zoek naar software die hiervoor zou kunnen dienen. Maar die bestond niet. Zo ben ik samen met IT-specialist Jonas Janssen aan een traject begonnen en samen richtten we het bedrijf op”, vertelt Maarten. “We werken aan een softwarepakket waarbij merken hun producten als diensten kunnen aanbieden. Het systeem werkt, net zoals bij swapfietsen bijvoorbeeld, volgens het principe van een uitleendienst, waarbij de ‘ontzorging’ of de dienst na verhuur een cruciaal aspect vormt. Op die manier streven we naar een economie met minder producten, die ontworpen worden met een langere levensduur. Als een bedrijf eigenaar blijft van een product, dan wil het dat het product zo lang mogelijk meegaat, een filosofie die haaks staat op die van de wegwerpcultuur.” 

Prototypes van UNDŌ worden gepast

Prototypes van UNDŌ worden gepast

Met UNDŌ spelen ze een pionierende rol, wat trouwens een van de voorwaarden was om in aanmerking te komen voor de innovatieve starterssteun van VLAIO. Het project werd door Flanders DC aangedragen voor de pitch en werd als een van de 55 start-ups weerhouden. “Dankzij de financiële steun van 50.000 euro is het project in een stroomversnelling geraakt. Zonder die steun hadden we nog meer van onze eigen spaarcenten moeten investeren, en zou alles veel trager zijn gegaan. Zelf had ik weinig ervaring in het opzetten van een modemerk met een juiste transparante supply chain. Daarvoor hebben we een expert aangetrokken, naast een aantal fashion freelancers die ons hebben geholpen om het concept naar een hoger niveau te tillen. Bovendien hadden we voor de software een aantal licenties nodig die we met dat geld hebben kunnen aankopen.”

“Meer samen gebruiken zodat we minder moeten produceren, is waar wij naar streven.”

Maarten Tak,

UNDŌ

UNDŌ staat voor minder produceren, minder kopen en meer samen gebruiken. “Met de software CRCLR creëerden we een SaaS-oplossing met een dashboard voor het management van circulaire producten, waarin relevante data uit het ERP-systeem, de CRM-database, de logistieke software en de e-commercetool van het bedrijf in kwestie worden verzameld.” Zo krijg je als bedrijf een overzicht van onder meer de bezettingsgraad en de prestaties van je producten en allerlei data van klanten en klantensegmenten. Deze gegevens kunnen via een systeem van plug-and-play met elkaar praten via de interface. Eigenlijk willen we de Shopify van de circulaire economie worden”, zegt Maarten. 

Prototypes van UNDŌ worden gepast

Prototypes van UNDŌ worden gepast

Bij de softwareontwikkeling gebruikt Maarten zijn eigen modemerk als case. “We zijn bezig met het opzetten van een circulair modemerk. Momenteel werken we aan de ontwikkeling van de prototypes van de kledingstukken en zijn we op zoek naar de juiste stoffenleveranciers en producenten, waarbij we zoveel mogelijk in België willen laten produceren. In april plannen we een preordercampagne van de eerste collectie.”

“Het traject met Flanders DC was heel waardevol. Zij hebben de indiening van het dossier voor VLAIO begeleid. Daarnaast kreeg ik ook tussentijdse feedback en input van hen. Wij konden ook beroep doen op de coaches van VLAIO, waarmee we regelmatig updates rond het project deelden. Zij gaven ons heel wat nuttig advies, dat ons verder deed groeien.”

“In juni willen we de eerste versie van het softwareplatform lanceren. De consument zal dan in de webshop van het bedrijf of merk dat in UNDŌ is opgenomen, naast de button ‘koop nu’ ook een button ‘huur nu’ zien staan. Momenteel werken we achter de schermen met een aantal bedrijven, vooral kledingmerken, maar ook met een keukenartikel- en kinderwagenfabrikant. UNDŌ is er dus zeker niet alleen voor de modesector, we willen echt breder gaan. Bedrijven die interesse hebben om in het platform te stappen met hun producten kunnen ons dus zeker contacteren.”